Romeinse kinderen spelen met knikkers
Verhaal18 juni 2026
Het onderzoek helpt ons om meer te weten te komen over het leven van de Cananefaten, de bewoners van dit gebied in de Romeinse tijd van 12 v. Chr. tot 450 na Chr. Elke dag vinden archeologen sporen van de mensen die toen woonden bij de Schie, waar nu het Abtswoudse Bos is. Ze werkten samen met de Romeinse soldaten die de noordgrens van het Romeinse rijk bewaakten.
Op de opgraving in het Abtswoudse Bos vinden archeologen sporen van hun woningen en bijgebouwen. Deze zijn te herkennen aan verkleuringen in de bodem. Donkere vlekken en strepen laten zien waar palen en wanden stonden. Stukje bij beetje komt het plaatje van de plattegrond van de nederzetting tevoorschijn.
Naast sporen van gebouwen komen ook voorwerpen uit het dagelijks leven van de bewoners naar boven. Juist die persoonlijke vondsten spreken tot de verbeelding. "Er zijn eenvoudige potten gevonden die hier in de buurt zijn gemaakt, maar ook mooie kommen en schalen die via handel van ver zijn geïmporteerd," vertelt Bas Penning, archeoloog en projectleider van Erfgoed Delft. "De leukste vondsten zijn een munt en een knikker. Die laatste zal een kind ooit verloren zijn tijdens het spelen." De komende weken hopen de archeologen nog meer delen van het erf bloot te leggen. Misschien komen er nog meer huizen tevoorschijn, of zelfs een waterput met resten van hout die eeuwenlang bewaard zijn gebleven in de bodem.
